Wandelen op Gran Canaria
In juli en augustus kan het wel eens wat warm zijn om te wandelen op Gran Canaria. Vertrek vroeg en doel kalm aan, wandelen op Gran Canaria is echt de moeite waard!
Een goed startpunt voor een wandeltocht, ook voor als je alleen wilt gaan wandelen, is de pas Cruz de Tejeda, wat misschien wel het meest populaire uitkijkpunt op het eiland is. Je vindt hier genoeg borden die je informeren over verschillende wandelroutes, waaronder de weg naar Roque Nublo. De zogenaamde “wolkenrots” is 1831 meter hoog en een populaire bestemming voor vakantiegangers die van wandelen houden. De wolkenrots wordt eveneens beschouwd als het symbool van het eiland.
Een ander goed startpunt voor een toffe wandeltocht is de plaats Gáldar, op ongeveer 27 kilometer van Las Palmas gelegen. In de gelijknamige gemeente vind je bijvoorbeeld de immense vulkaankrater Caldera de los Pinos die je zeker wilt verkennen. Bezoek het archeologische park voor eeuwenoude grotschilderingen en schiet een plaatje van de drakenbloedboom naast het voormalige gemeentehuis.
Ook het hoogste punt van het eiland, Pico de las Nieves, is zeker een wandeltocht waard. Vanaf het uitkijkpunt hier kijk je bij helder weer zo naar El Teide, de hoogste berg van Tenerife (en heel Spanje!). Zoek je het minder de hoogte in, bezoek dan het immense natuurpark Tamadaba aan de noordwestkant van het eiland. Je komt hier gemakkelijk vanuit het plaatsje Agaete, vanaf waar je ook erg gemakkelijk naar visserdorpje Puerto de las Nieves gaat voor de allerlekkerste visgerechten.
Een heel speciale wandeltocht maak je bij Barranco de Guayadeque. Deze vallei is zo goed als onbewoond, maar er zijn veel archeologische sporen te ontdekken die herinneren aan vroegere bewoners. Ga je hierheen, ga dan ook langs het dorpje Cuevas Bermejas; dit grotdorpje is nog wel bewoond en een lust voor het oog.